Mijn eerste serieuze baan was als campagnemanager bij een online marketingbureau. Ik deed voor klanten de zoekmachine  optimalisatie, het social media beheer en het schrijven van webteksten. Ik had daar helemaal niet voor gestudeerd, maar met de diploma’s voor Amerikanistiek en Kunstgeschiedenis -plus een financiële crisis middenin mijn studententijd- was ik allang blij met een jaarcontract voor veertig uur per week. Het was me gelukt om volwassen te worden, dacht ik.

Maar na een jaar had ik het wel gehad met fulltime op kantoor zitten. Ik merkte toen al dat werken voor een baas niet echt mijn carrièredroom was, dus ik begon me in mijn vrije tijd te verdiepen in bloggen en online ondernemen. Die vrijheid als zelfstandige leek me fantastisch, al had ik nog geen idee hoe ik dat ooit zou realiseren.

Toen ik mijn baas vroeg of ik -hou je vast- naar 36 uur mocht, was dat gelukkig geen probleem. Ik was de allereerste in het bedrijf die parttime ging werken, een ware revolutie destijds. Later biechtte mijn baas op dat hij dacht dat ik zwanger was en daarom minder wilde werken. Zwanger was ik zeker niet, ik wilde meer tijd voor mezelf en mijn ondernemersplannen.

Werken om te leven

Na nog twee banen in drie jaar tijd ben ik zelfstandig ondernemer geworden. Het lukte me niet om te passen binnen het stramien van een commercieel bedrijf. Werken op kantoor zoog alle energie uit me en als introvert werd ik niet blij van de praatjes bij de koffieautomaat. Laat staan dat ik maar 25 vakantiedagen had en dagelijks twee uur moest forenzen met de trein. Dat leek mij niet de bedoeling van het leven tot mijn pensioen. Als dat nog zou bestaan tegen die tijd.

De belangrijkste reden dat ik zzp’er ben geworden is dat ik mijn eigen uren bepalen en overal kan werken waar ik wil. Lekker flexibel, veel vrije tijd. Maar zo simpel bleek het niet te zijn. In de wereld van het ondernemen heerst nog meer het idee dat je hard moet werken voor succes. Je moet hustlen, niet opgeven, altijd doorgaan. Als je eenmaal succesvol bent, kun je misschien wat rustiger aan doen en genieten van je vrijheid. Maar niet te lang, want je moet doorgroeien.

Dat is waar het voor mij knelt. Ik wil niet in loondienst vastzitten, maar als ondernemer wil ik ook niet continu keihard werken. Maar voor die vrijheid die ik zo graag wil, moet je wel genoeg gerealiseerd hebben. Het is lastig om met weinig inkomen te genieten van je vrijheid. Dat voelt heel onrustig.

Perfectie bestaat niet

Om vrij te kunnen zijn, moet je dus hard werken. Dat lijkt een onoplosbare paradox. Toch denk ik dat het ook anders kan.

Werk kan namelijk gewoon werk zijn. Of je dat nou in loondienst doet of als ondernemer. Het hoeft niet altijd meer, beter en groter. Het mag ook best middelmatig zijn. Succes is niet het doel, het gaat vooral om plezier in het proces. We hoeven niet allemaal aan de top te staan. Integendeel zelfs.

Bovendien zal werken nooit alleen maar leuk zijn. De ideale droombaan bestaat niet. Er zullen altijd stomme, enge en vervelende dingen zijn, dat hoort erbij. Net als met relaties hoeven we niet te streven naar een perfecte baan. Juist door te accepteren dat we nooit volledig tevreden zijn, ontstaat er ruimte. Ruimte om te balen, om fouten te maken en om rust te nemen.

In de media lees je vooral de succesverhalen van ondernemers, artiesten en werknemers die nooit opgeven en daardoor de top bereiken. Daardoor ontstaat het beeld dat hard werken en succes onlosmakelijk verbonden met elkaar zijn. Maar hoe zit het met mensen die hun hele leven hard werken, nooit promotie maken, hun kinderen daardoor weinig zien en iedere maandag met tegenzin naar het werk gaan? Of juist mensen die met veel plezier parttime werken en genieten van hun vrijere leven met wat minder inkomen?

Je mag best hard werken als je dat wilt, maar het is geen garantie voor succes. En het is al helemaal geen garantie voor geluk.

Werkworsteling

Ik worstel ook nog steeds met mijn overtuigingen over hard werken en succes. Die ideeën zitten zo vast in onze cultuur en worden alleen maar vergroot door de goeroes die roepen dat succes een keuze is en dat hard werken de enige weg is.

Ondanks mijn pogingen om daaraan te ontsnappen, lukt dat lang niet altijd. Ik voel me soms schuldig als ik een dag niet zo productief ben, pas om 10 uur ‘s ochtends begin met werken of als ik geen inspiratie heb voor een blogartikel. Ik moet hard werken om succesvol te zijn, denk ik dan toch weer.

Maar wanneer ben ik eigenlijk succesvoller? Met meer geld en grote opdrachten of met leuke vrienden en minder stress? Ik denk dat ik bovendien beter presteer als ik ook genoeg rust neem.

Het gaat niet om hard werken om vervolgens vrij te zijn. Het zit in het vinden van een manier om, ondanks de dagelijkse verplichtingen, ook genoeg ruimte te vinden voor ontspanning en plezier. Of je nou ondernemer of in loondienst bent.

Wees als een waterkoker

Bruce Lee zei ooit de wijze woorden wees als water.

Daar maak ik liever wees als een waterkoker van. Want ik ben misschien niet zo goed in kungfu, ik doe dingen graag efficiënt. Een waterkoker is dat ook. Het kookt water zo snel mogelijk en daarna slaat het apparaat gelijk af. Geen gedoe met een fluitketel die je te lang laat staan fluiten. Is niet alleen zonde van het gas, maar ook van je oren.

Mijn doel is daarom om me meer te richten op de output (kokend water), dan hoe lang dat duurt (het idee van hard werken). Ik blijf daarom schrijven en podcasts maken en probeer voldoende geld te verdienen om rond te komen. Dat is meer dan genoeg. Ik hoef niet de top te bereiken, ik wil vooral een leuk leven.

Al is dat met mijn hardnekkige overtuigingen nog best hard werken.