Het kan altijd beter, leuker en mooier. Dat was voor lange tijd mijn onbewuste mantra. Ik had niet eens door dat ik zo streng voor mezelf was. Ondertussen zorgde het ervoor dat ik me ontevreden en ongelukkig voelde. Perfectionisme knaagde continu aan mij, zelfs als ik hoge cijfers haalde, veel sportte en gezond at. Gelukkig kan het ook anders, weet ik inmiddels.

Perfectionisme als drijfveer

Perfectionisme heeft voor- en nadelen. Het zorgt er enerzijds voor dat je veel doet en streeft naar hoge kwaliteit. Absoluut niet verkeerd. De keerzijde is echter dat je nooit tevreden bent, jezelf niet toelaat om te genieten als je iets hebt bereikt en dat je vaak vanuit ontevredenheid handelt, in plaats van enthousiasme.

Door mijn perfectionisme genoot ik een stuk minder van mijn leven, terwijl ik mezelf heel gelukkig mag prijzen met alles wat ik heb en doe. Daardoor zat ik in 2014 zelfs tegen een burn-out aan. Ik was nog maar 24 jaar oud en kwam iedere avond uitgeput thuis. Ik werkte 40 uur, had twee uur reistijd per dag en wilde daarnaast veel sporten en bloggen. Terugkijkend op die periode zat het probleem niet in dat drukke leven. Het probleem zat vooral in mijn eigen verwachtingen. Niks wat ik deed, vond ik goed genoeg.

Ik moest slanker, succesvoller en leuker zijn. Het ideaalbeeld van vrouwen zonder enige imperfecties zal hierin ook een grote rol spelen. Ik was erg onzeker over mijn vetrolletjes, cellulite en aanhoudende acne. Naast dat ik hoge eisen had over mijn carriere, vond ik ook dat ik er altijd tiptop uit moest zien. Daarom sportte ik veel, at ik zo gezond mogelijk en had ik een uitgebreide huidverzorgingsroutine.

Gelukkig trok mijn vriend Peter aan de rem toen ik op een zondagavond in een lichte paniekaanval het niet meer zag zitten om de volgende dag naar mijn werk te gaan. Na een week volledige rust te hebben genomen, ben ik minder gaan werken en heb ik wekenlang niet geblogd. Dat voelde als een mislukking, maar ook een bevrijding. Het leven gaat gewoon door als je minder hard aan alles trekt.

Hierdoor realiseerde ik me dat ik zo niet langer door kon gaan. Perfectionisme zit diep in mij geworteld. We zijn inmiddels zes jaar verder en ik heb er nog steeds af en toe last van. Soms val ik terug in dat negatieve gedachtenpatroon en ga ik over mijn eigen grenzen heen. Gelukkig kan ik dat inmiddels beter herkennen en gun ik mezelf vaker rust.

Ik schreef ook een stuk over middelmatig zijn, want niet alles hoeft sneller, beter en groter.

De oorzaak van perfectionisme

De achterliggende oorzaak van perfectionisme is vrijwel altijd angst. De angst om buitengesloten te worden, om te mislukken, om alleen te zijn, om raar gevonden te worden. Die angst is logisch, maar irrationeel. Het is zoeken naar controle die je nooit volledig zult hebben. Perfectionisme probeert je dus te beschermen tegen falen, maar slaat vaak te ver door in negativiteit. Het houdt je tegen om dingen uit te proberen en positief over jezelf te denken.

Buddha zei: “The mind is everything. What you think, you become”. Gedachten zijn enorm krachtig, je handelt – bewust en onbewust – naar hoe je denkt. Als jij bij een nieuw project denkt ‘het moet perfect zijn, anders is het mislukt’, dan is de kans groot dat je er krampachtig mee omgaat. De vraag is of het er echt beter van wordt.

Minder perfectionistisch zijn helpt juist om je doelen te behalen en om gelukkiger te zijn met jezelf. Het is prima om dingen uit te proberen zonder dat het gelijk perfect moet zijn. Je mag fouten maken, daardoor leer je juist veel meer dan als je het angstvallig perfect wilt doen. 

Zet je perfectionisme om

Niet iedereen is een perfectionist, maar ik denk dat iedereen wel een innerlijke saboteur in zichzelf heeft zitten die je angsten onder controle probeert te houden. Dat kan een vergelijker zijn, een uitsteller, een zorgenmaker, een drama queen, enzovoort. Alles om te voorkomen dat je faalt.

Als je deze saboteur teveel toelaat, dan kan het je gedachten en je leven gaan beheersen. Het kan je onzeker maken en het kan er zelfs voor zorgen dat je dingen doet die je helemaal niet gelukkig maken, zoals een zogenaamd ‘succesvolle’ baan aannemen of in een vervelende relatie blijven zitten. De situatie is voor iedereen anders, maar het is belangrijk om deze saboteur te leren herkennen.

Het is dat stemmetje in je hoofd dat zegt: ‘zij is veel slanker dan jij’ of ‘zie je wel, je kan dit niet’.

Als je dat stemmetje leert te herkennen, dan kun je er iets mee. Waarschijnlijk gaat deze saboteur nooit volledig weg, maar je kunt die energie wel omzetten in positieve zin. Dit doe je in vier stappen:

  1. Herken je innerlijke saboteur. Wat doet deze met je en waarom?
  2. Weten wat de triggers zijn. Wat zorgt ervoor dat je opeens een aanval krijgt van negatieve gedachten? Dat kan je werk zijn, een bepaalde persoon in je omgeving of misschien wel een te strakke spijkerbroek die je toch aandoet.
  3. Aandacht geven aan deze gedachten. Wat ik al schreef, is dat de hoofdoorzaak van bijna alle negatieve gedachten angst is. Wees dankbaar dat deze saboteur ervoor zorgt dat je oplet. Maar zeg dan tegen jezelf om er verder niets mee te doen, omdat het je niet verder helpt.
  4. Zet het om in iets positiefs. Het gedrag kan je namelijk helpen als je het op de juiste manier gebruikt. Denk aan streven naar hoge kwaliteit (bij perfectionisme) of inspiratie opdoen bij anderen en dat voor jezelf gebruiken (bij vergelijkingsdrang).

Ook al is het soms moeilijk om negatieve gedachten uit te schakelen, op lange termijn kun je veel baat hebben bij deze stappen. Soms heb ik nog steeds een aanval van negatieve gedachten, maar ik kan het steeds sneller herkennen en omdraaien.

Positief denken met 4 tips

Naast de stappen om je innerlijke saboteur te herkennen, doe ik zelf nog vier andere dingen om positiever in het leven te staan. Op die manier kan ik voorkomen dat mijn innerlijk kreng toeslaat en dat ik vaker me tevreden voel met wat ik heb.

  1. Positieve affirmaties. Dit zijn woorden of zinnen die je herhaalt tegen jezelf, zodat je – bewust of onbewust – gelooft en handelt naar deze woorden. Zo zijn twee van mijn dagelijkse affirmaties ‘ik ben niet mijn gedachten’ en ‘ik ben goed genoeg zoals ik ben’. Schrijf jouw affirmaties op in een boekje of zeg het tegen jezelf in de spiegel. Als je dit iedere dag doet, dan ga je uiteindelijk geloven in deze woorden.
  2. Dankbaarheid. Nadenken waarover je dankbaar bent, helpt enorm om je te beseffen wat je allemaal wel hebt. Ik schrijf dagelijks drie dingen op waarvoor ik dankbaar ben die dag. Deze dingen kun je opdelen in:
    1. Kleine dingetjes, zoals een kop koffie of de zon die schijnt;
    2. Dingen die je de dag ervoor hebt gedaan;
    3. Relaties;
    4. Niet tastbare zaken, zoals een levensles of kans.
  3. Meditatie. Door meditatie -al is het maar tien minuten per dag- leer je je gedachten beter herkennen. Daarnaast merk ik dat ik door regelmatig te mediteren mijn emoties en gedachten makkelijker kan loskoppelen van de situatie. Ik doorzie eerder dat het angst is, wat ik dan sneller kan loslaten. Ik probeer iedere dag te mediteren, al lukt dit niet altijd hoor.
  4. Perfectie is relatief. Vraag jezelf regelmatig af: wanneer is iets perfect? Onthoud dat jouw idee van 100% perfect, misschien bij iemand anders wel 130% perfect is. Of maar 80%. De kans is bovendien groot dat als je eenmaal bij jouw 100% bent, je nog steeds niet tevreden bent. Perfectie is relatief, onthoud dat.

Het is makkelijker gezegd dan gedaan, maar weet dat perfectie niet bestaat. Perfectionisme is een manier om om te gaan met angst, maar het lost die angst niet op. Het blijft je beheersen. Het is een bevrijding als je die perfectie kan loslaten en desondanks gewoon dingen te gaan doen die je wilt doen. Ook al is dat niet op het niveau wat je zou willen. Doe je best en wees trots op jezelf. Dat is meer dan goed genoeg.